Omgaan met verdriet en rouw

Mijn dochter van 11 jaar heeft het erg moeilijk met het plotselinge overlijden van een dierbaar familielid. Ze lijkt somber en wil er niet over praten. Terwijl mijn zoon (4 jaar) er veel luchtiger mee om lijkt te gaan. Hij praat er soms over, maar gaat daarna weer door met spelen. Hoe komt dit? En kan ik mijn dochter helpen?


Wat u beschrijft is een verschillende reactie van twee kinderen. Ze zitten in een andere ontwikkelingsfase en reageren daardoor niet hetzelfde op deze verdrietige gebeurtenis.

Vaak denken kleuters dat het iets tijdelijks is

Uw zoon begrijpt misschien het definitieve karakter van de dood nog niet. Dit heeft te maken met het ‘magisch denken’ dat kleuters nog doen. Hierdoor kunnen ze er vrij luchtig over doen en ineens zeggen “Zullen we dan nu een spelletje doen?”. Een kleuter is nog druk bezig om de wereld te ontdekken en stelt over het algemeen veel vragen. Deze vragen zijn vaak praktisch van aard; vooral over het hoe, wat en waarom. Geef een voor hem begrijpelijk antwoord en wees eerlijk. Je hoeft niet altijd overal een antwoord op te hebben als de vraag ingewikkeld is. Soms heeft een kind zelf een idee in zijn hoofd en kun je daar naar vragen (“Wat denk jij?”).

(Pre)pubers begrijpen steeds meer

Uw dochter begrijpt steeds meer dat de dood definitief is en dat een overleden persoon niet meer terugkomt. Ze kan gaan beseffen dat ook jonge mensen overlijden. Dat kan haar angstig maken. Tegelijkertijd is ze als (pre)puber misschien al bezig met het vormen van een eigen identiteit, waarbij ze steeds minder afhankelijk wordt van volwassenen. Ze wil niet altijd meer aandacht vragen voor haar verdriet of angst. Dat zou ‘kinderachtig’ kunnen lijken. Omdat de gevoelens er toch uit moeten, vertonen kinderen van deze leeftijd soms lastig of opstandig gedrag of ze zijn juist stil en teruggetrokken.

Zoek naar praatmomenten

Het helpt om te zoeken naar momenten waarop jullie er binnen het gezin over kunnen praten. Het allerbelangrijkste voor een kind is dat het weet dat hij erover kán praten. Over het overlijden, maar ook over de persoon die is overleden. Zorg dat beide kinderen het gevoel hebben dat ze alles mogen zeggen en vragen. Zoek samen naar een manier om ervaringen en emoties te delen. Soms lukt praten beter als je iets doet samen, bijvoorbeeld tijdens het fietsen of tijdens het uitlaten van de hond. Daarbij is het goed om te weten dat kinderen over een ingewikkeld onderwerp zelden lange gesprekken voeren. Vaak zijn het hele korte gesprekken waarin ze één vraag stellen of één opmerking maken.